Uit het Thaise leven gegrepen: wie ze moeten bellen
In dit artikel:
De 71-jarige Wim woont al acht jaar alleen in de Isaan, in het noordoosten van Thailand. Op een koude decembernacht wordt hij wakker met druk op de borst en een zwaar gevoel in zijn linkerarm. De klachten houden aan, hoewel ze tijdelijk minder worden. Hij beseft dat dit op een hartprobleem kan wijzen, maar aarzelt om hulp te bellen.
Op een kaartje bij zijn telefoon staan het Thaise alarmnummer 1669, het ziekenhuis en het nummer van Kesorn, een buurvrouw die hem eerder heeft geholpen. Wim heeft zijn zorgverzekering twee jaar geleden opgezegd omdat de premie te hoog werd. Een ziekenhuisopname zou hij waarschijnlijk zelf moeten betalen. Ook schaamt hij zich voor de mogelijke reactie van de buren en vreest hij dat een ambulance voor niets komt.
Hoewel hij weet dat de rit naar het ziekenhuis ruim veertig minuten duurt, belt hij niet. Hij probeert zichzelf ervan te overtuigen dat de klachten door zijn late maaltijd of indigestie komen. Tegen de ochtend neemt de druk af, maar hij weet niet of het gevaar daarmee geweken is. De episode kan een waarschuwing zijn voor een ernstiger aanval.
Tijdens het wachten schrijft Wim alsnog in het Engels het nummer van zijn dochter Marit op het kaartje, met de boodschap dat zij gebeld moet worden als hij wordt gevonden. Ze hebben elkaar al drie jaar niet gesproken. Hij belt haar niet, uit angst voor een pijnlijk of onbeantwoord gesprek. Bij zonsopgang gaat hij op de veranda zitten en hervat hij zijn gewone leven, terwijl de onzekerheid blijft.
Vandaag Inside: René van der Gijp 'barst in huilen uit' aan tafel bij Vandaag Inside: 'Gaat het, René?'